Les 2: Eigen keuzes mogen maken

Motivatie ontstaat en verdwijnt door 3 factoren volgend de Zelfdeterminatietheorie van Deci & Ryan, ik leg het uit aan de hand van batterijen. Aangezien je motivatie ook kan opraken, maar ook weer opgeladen kan worden. 

De 3 factoren die invloed hebben op motivatie:

1. Autonomie, eigen keuzes mogen en kunnen maken.

2. Competentie, het gevoel hebben dat je ergens goed in bent óf het kan leren. Het weten hoe, wat en waarom je iets moet doen/leren.

3. Sociale verbondenheid, het gevoel hebben dat je ergens bij hoort. Dat je gezien, gehoord en serieus genomen wordt.

De autonomie:

Tieners zijn op weg naar volwassenheid. Om die reden willen ze ook loskomen van de ouders. Ze willen het allemaal zelf kunnen, zelf oplossen én niet meer klakkeloos doen wat je als ouder zegt. Met dit gedrag omgaan is soms best een uitdaging voor ouders! Jij bent immers degene met jaren levenservaring. Waarom doet hij dan zo eigenwijs? Waarom volgt hij niet gewoon jouw advies op? Je wilt als ouder het liefst voorkomen dat er iets mis gaat, dat hij faalt, een volvoldoende haalt of misschien zelfs zijn jaar niet. Je krijgt er geen grip op, dat kan erg frustrerend zijn. En nu ga ik je ook nog vertellen dat dit heel gezond pubergedrag is! Straks als ze volwassen zijn en het huis uit gaan ben jij er ook niet meer om ze te waarschuwen en te redden, ze zijn nu alvast aan het oefenen terwijl jij er op de achtergrond nog wel bent om ze liefdevol op te vangen als het misgaat. Je bent nu een begeleider als ouder in plaats van de leider….en dat vraagt om een andere houding. Ik leg je uit wat daarin werkt en wat juist niet, doe je voordeel ermee! 

Scroll naar beneden voor de video, podcasts en vragen om meer inzicht te krijgen

 

Vragen voor meer inzicht in je eigen situatie:

1. Autonomie ondersteunend opvoeden is dus vooral je tiener stimuleren in het maken van eigen (weloverwoge) keuzes. Vragen stellen om je tiener aan het denken te zetten. Controlerend opvoeden is dat je vooral je tiener stuurt en controleert of hij het wel (goed) doet. Je neemt dan onbewust dingen van hem over, vult in en wil zoveel mogelijk hem redden om te voorkomen dat er iets mis gaat.

Welke aanpak herken je het meest bij jezelf?Een ondersteunende- of controlerende aanpak? (beiden kan ook, afwisselend)

2. Welke verantwoordelijkheden geef je jouw tiener? Wat moet/mag hij zelf kiezen en doen? 

3. a) Over welke thema’s hebben jullie vaak strijd?
b) Zou je hem daar meer verantwoordelijkheid voor kunnen geven? Leg de reden uit waarom wel/niet.

4. Neem je klusjes over “ zodat het dan sneller en beter gedaan is”? Zo ja, welke klusjes zijn dat?

5. Als je tiener worstelt met een probleem, hoe reageer je daar tot nu toe op? Noteer het antwoord dat het beste op jouw reactie aansluit.
a) Ik geef direct het beste advies wat ik maar kan bedenken.
b) Ik stel vragen, zodat hij zelf een oplossing bedenkt.
c) Ik geef aan dat hij het eerst zelf moet proberen en als het niet lukt, dat hij mag terugkomen. 

6. Tieners krijgen meer zelfvertrouwen als ze zelf hun problemen hebben opgelost. Ze pakken ook meer zelfverantwoordelijkheid, hoe wil je vanaf nu reageren op worstelingen van je tiener?

7. Op welke vlakken wil je de autonomie van je tiener nog meer gaan stimuleren? Met welke acties ga je dat doen?

8. Hoe reageerde je tiener op je nieuwe aanpak om de autonomie te stimuleren?