De mindset mag ook zeker niet ontbreken als onderdeel van de motivatie. Het is heel bepalend welke mindset de tiener heeft voor een vak, situatie of überhaupt in het leven. We hebben allemaal allebei de soorten mindset (vaste- én de groei mindset), het is afhankelijk van de situatie wanneer welke actief is.
Het middelste plaatje hierboven is van Covey. Het geeft het 10-90 principe weer. 10% overkomt je in het leven, daar heb je geen invloed op en 90% is hoe jij met die 10% omgaat. Hoe jij dus qua mindset omgaat met datgene waar je geen invloed op hebt. (daarover meer in het 2e filmpje hieronder).
De vaste mindset is: ik kan het niet, ik ben hier nou eenmaal niet goed in, ik ben dom. De tiener is resultaatgericht. Bang om te falen. Het gevolg hiervan kan bijvoorbeeld zijn dat hij kiest voor de makkelijke opdracht. De vaste mindset wil jou beschermen tegen pijn, verdriet, teleurstelling. Hij probeert te voorkomen dat je faalt, kritiek krijgt of vastloopt. Het is dus niet negatief, het heeft een doel. Alleen wordt de ontwikkeling (tijdelijk) geblokkeerd door deze mindset.
De groei mindset: ik kan het NOG niet, maar kan het wel leren. En dit ook echt geloven en voelen. Anders heb je te maken met een valse mindset. Bij de groei mindset leg je de focus vooral op het proces. Je wilt je ontwikkelen. Je ziet fouten niet als falen, maar als leermomenten.
Deze les bestaat uit 2 video’s
Vragen om meer inzicht te krijgen in je eigen situatie:
1. Welke mindset herken je bij je tiener op het gebied van school? Waar herken je dat aan?
2. Is jouw tiener er bewust van dat als hij een vaste mindset heeft op bepaalde vlakken dat dat eigenlijk een beschermingsmechanisme is om te voorkomen dat hij faalt? Hier kan je een mooi gesprek samen over hebben door door te vragen als hij iets niet ziet zitten of wil/durft.
3. a) In welke situaties heb je zelf als ouder een vaste mindset?
b) Lukt het jou om steeds vaker een groeimindset aan te nemen?
c) Zo ja, hoe doe je dat? Zo nee, waardoor komt dat naar jouw idee?
4. Als je er nu even bij stil gaat staan hoe je met je tiener communiceert, gebruik je dan vooral groeitaal? Zo ja, geef een paar voorbeelden waaruit blijkt dat je de focus legt op het proces en ontwikkeling (ipv op resultaten).
5. a) De cirkel van invloed geeft aan dat je je bewust mag zijn waar je wel en waar je geen invloed op hebt. Ben je hier bewust mee bezig?
b) En je tiener? Is hij daar bewust mee bezig (onderbegeleiding van jou?)
c) Het loslaten van datgene waar je geen invloed op hebt is vaak makkelijker gezegd dan gedaan….Wat zou je graag los willen laten, maar lukt nog niet?
d) Wat levert het je op als je het niet loslaat?
e) Wat levert het je op als je het wel loslaat?
f) Klopt het dat het ook een stukje veiligheid/controle/comfortzone is dat je het niet los durft te laten?